A.P.L Pinkster
020 - 632 10 60

Pinkster Mediation

Blog

By No Comments

 

Gerd Altmann via Pixabay

De wijzigingen in de regels voor de MfN-registermediator  per 1 januari 2020 zijn speciaal voor mediators in strafzaken van belang. Vooral artikel 7 geheimhouding en artikel 10 vastlegging van het resultaat van de mediation.

In artikel 7 lid 2 staat per 1 januari 2020 expliciet dat de eindovereenkomst onder de geheimhouding valt, behalve als partijen afspreken dat (een deel van) de eindovereenkomst, in MiS Slotovereenkomst genoemd, niet vertrouwelijk is.

In artikel 10 lid 1 staat dat de mediator ervoor zorgt dat de afspraken van partijen deugdelijk op papier komen, en in art 10 lid 3 staat d at partijen schriftelijk vastleggen in hoeverre de overeenkomst vertrouwelijk is/blijft.
De mediator moet dus partijen er op  wijzen dat zij een keuze moeten maken  met betrekking tot de vertrouwelijke status van de slotovereenkomst.
Wordt er geen keuze gemaakt, dan wordt via het nieuwe artikel 7 lid 2 bepaald dat de gehele slotovereenkomst eindovereenkomst vertrouwelijk. Dat levert bij een mediation in een strafzaak een contradictie op, aangezien de slotovereenkomst met goedvinden van partijen in het dossier gevoegd wordt en dan niet meer 100% vertrouwelijk is. Daarbij zijn zittingen meestal openbaar en kan er publiek op de publieke tribune zitten als de slotovereenkomst ter sprake komt.

Mediators in strafzaken moeten daarom extra alert zijn op wat zij in de slotovereenkomst opnemen!

Mochten collega’s (voor eigen risico!) mijn format gebruiken: kijk het na of je het op dit punt wilt aanpassen.

Overzichtsarrest Hoge Raad vordering benadeelde partij

By No Comments


Het overzichtsarrest van de Hoge Raad d.d. 28 mei 2019 ECLI:NL:HR:2019:793 geeft een uitleg van de (on)mogelijkheden van een vordering benadeelde partij. De Hoge Raad wijst een overzichtsarrest als daar een aanleiding voor is: een wetswijziging , of voortschrijden inzicht bijvoorbeeld. Het belang ervan is dat een overzichtsarrest (zoals het woord zegt) een overzicht geeft van wat geldend recht is met betrekking tot  een bepaald onderwerp.  Voor dit arrest over de vordering benadeelde partij geeft de Hoge Raad als aanleiding op: de wetswijziging per 01-01-2019 waardoor verplaatste schade ook binnen het strafrecht kan worden gevorderd alsook de affectieschade.
Tevens wil de Hoge Raad met haar uiteenzetting voorkomen, dat de strafrechter te snel een vordering benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaart om reden dat deze het strafproces onevenredig belast.

Het arrest is te vinden op https://www.rechtspraak.nl/

Wel of geen opname-verbod in de mediation/startovereenkomst?

By No Comments

Naar aanleiding van een vraag die vaker gesteld wordt bespreek ik in het kort de vraag of het nuttig of nodig is om in je startovereenkomst bij mediation in strafzaken een verbod tot het maken van opnames op te nemen.
In de standaard mediation/startovereenkomst die de mediationbureau’s met de afspraakbevestigingen meesturen is bij mijn weten géén opnameverbod opgenomen.
Naar ik begrijp is de gedachte dat het niet nodig is, omdat het in gerechtsgebouwen sowieso al verboden is om opnames te maken.
Dat is echter iets te kort door de bocht naar mijn mening. Het is namelijk verboden om zonder toestemming van de President van de rechtbank/het Hof opnames te maken.

In de Persrichtlijn van 2013 staat :
3.4.1. Zonder toestemming is het verboden in gerechtsgebouwen om beeld- en geluidsopnames te maken. Journalisten die beeld- en geluidsopnames willen maken, melden zich vooraf bij de afdeling communicatie van het gerecht.
3.4.2 Voorafgaand aan de zitting, dan wel op de momenten die met de afdeling communicatie zijn afgesproken, wordt aan fotografen gelegenheid geboden foto’s te maken.

De mediation/startovereenkomst is een overeenkomst naar burgerlijk recht tussen de daarin genoemde partijen.  Het zou op zich vreemd zijn als een derde, de President van de Rechtbank in dit geval, zou kunnen bepalen wat de afspraak tussen partijen op het onderdeel opnames maken is. Want wat doe je als er wèl toestemming zou zijn gegeven (hypothetisch, maar toch)?
Daarnaast vinden mediations in strafzaken niet altijd op de rechtbank plaats. Geregeld zijn we te gast op politiebureaus, of op gemeentehuizen, die weer eigen regels hebben.
Tenslotte zijn opnames met een mobiele telefoon al heel gauw gemaakt, zonder dat je dat altijd in de gaten hebt. Dan kan het voor een partij lastig zijn de ander erop aan te spreken dat hij zonder toestemming van de President opnames gemaakt heeft. Dat zou kunnen op grond van een vordering uit onrechtmatige daad.
Als je het echter contractueel bent overeengekomen, kun je de boosdoener ook op grond van de overeenkomst aanspreken.

Om bovenstaande redenen heb ik wèl in mijn mediationovereenkomst staan dat het maken opnames verboden is, alsmede het gebruik ervan. Dat laatste vind ik een waardevolle toevoeging: ook als een ander (de meegekomen ondersteuner bv) opnames maakt, mag de betrokken partij die niet gebruiken.

Een vroeg schoenkadootje van Minister Dekker

By No Comments

….

“In vele gesprekken met advocaten is het mij steeds duidelijker geworden dat voor
veel sociale advocaten de rek er echt uit is. Ik begrijp dat de frustratie is
opgelopen, omdat er nog geen zicht was op hogere vergoedingen op de korte
termijn. Daar moeten we wat aan doen, want we hebben in elk stelsel voor
rechtsbijstand goede en gemotiveerde sociaal advocaten nodig. In het AO op 7
november 2019 heb ik uw Kamer dan ook toegezegd om te zoeken naar ruimte
om de vergoeding aan de sociale advocatuur ook op korte termijn te verbeteren
in lijn met de motie Jetten/Segers.
Dat is gelukt. Voor 2020 en 2021 is er jaarlijks ongeveer 36,5 miljoen euro
beschikbaar om de sociale advocatuur gesterkt de overgang naar een nieuw
stelsel te laten maken. ”

HU-Congres ‘Strafrechtmediation: geborgd in kwaliteit’.

By No Comments

Op 12 november 2019 vond het  HU-Congres “Strafrechtmediation: geborgd in kwaliteit’ plaats.
Onderwerp van het congres was de kwaliteit van de mediator in strafzaken. Wat moet die weten, wat moet die kunnen, hoe geeft die  vorm aan wat partijen wensen, waar een Officier van Justitie en een rechter iets aan hebben? Kortom: welke kwaliteitseisen stellen we aan de mediator in strafzaken? Daarnaar was onderzoek gedaan door de Hogeschool Utrecht, met o.a.  twee van onze VMSZ-leden Tanja van Mazeijk en Marion Uitslag als onderzoekers. Het was een buitengewoon interessant congres, goed bezocht – het onderwerp sprak veel collega’s en andere professionals aan, en terecht. Belangrijkste conclusies in het kort: de mediator moet een ervaren mediator zijn, kennis en inzicht in het strafproces hebben, gevoel voor de kwetsbaarheid van beide partijen, en een goede slotovereenkomst kunnen opstellen: van en voor partijen maar ook voor justitie en de rechter.

Ik had de eer in het stakeholders-panel aan te zitten. Ons onderwerp: welke juridische bagage moet een mediator in strafzaken hebben om in een mediation schade te kunnen afwikkelen. Het antwoord op die vraag is complex. Je moet als mediator in staat zijn partijen te behoeden voor  juridische uitglijders, en vooral ook weten wat je niet weet! In der beschränkung zeigt sich erst der meister 😊

Cursus

By No Comments

Vandaag Convenantendag door Eric Ebben en Frits van der Kamp gevolgd (IVJO) gevolgd.
Best lastige stof, maar met zo’n aanstekelijk enthousiasme gebracht door beide docenten dat het verre van saai was! Het zijn dan ook niet de minsten van wie we de ins, outs en tips mochten horen.
Na zo’n dag heb ik zin om mijn modellen onder handen te nemen en nog beter te maken!

Indexering 2020

By No Comments

Het percentage van de indexering voor partner- en kinderalimentatie is voor 2020 vastgesteld op 2,5
Met dat percentage moeten de alimentatiebedragen verhoogd worden.

Percentages in de afgelopen 5 jaar:

2019:  2%

2018:  1,5%

2017:  2,1%

2016:  1,3%

2015:  0,8%

2014:  0,9%

Denkt u er aan dat u zelf het nieuwe bedrag berekent, u krijgt hiervan geen bericht van een instantie.

Crystal Scales – European Day of Justice 2019

By No Comments

Op 25 oktober 2019 werd voor de tiende keer de Crystal Scales of Justice Prize uitgereikt, in Oslo.
Deze prijs wordt om de twee jaar toegekend door de European Commission for the Efficiency of Justice (CEPEJ)
Daar mocht ik bij aanwezig zijn.
Winnaar werd de Supreme Court of Slovenia met haar project Improving the Quality of Justice (IQ Justice). Met dit project beoogt het hoogste rechtscollege van Slovenië door verbetering van de kwaliteit van de rechtspraak, verbetering van de communicatie en verbetering van de voorlichting, het vertrouwen van de Sloveense burgers in hun gerechtelijk apparaat te vergroten.

De uitreiking vond plaats na een seminar over de rol van de rechter in mediation, georganiseerd door de rechtenfaculteit van de universiteit van Oslo, ter viering van de European Day of Justice.
Noorwegen organiseerde de dag omdat zij in 2017 winnaar was van de prijs.
Interessant was de inleiding van Heidi Heggdal, rechter in de Oslo District Court die het Noorse mediation systeem uiteen zette. Heel kort weergegeven zijn het de Noorse rechters die mediaten. De rechter stelt mediation aan de procespartijen voor. Zeggen die ja, dan wordt de mediation door andere rechters begeleid dan de rechters die uiteindelijk over de zaak oordelen. Mediation vindt alleen in civiele zaken plaats.

De Nederlandse delegatie behoorde met haar presentatie over Mediation in Strafzaken “Mediation in criminal justice; referrals by prosecutors in the prosecutorial phase and referrals by judges in the pre-sentencing phase” tot de vier finalisten.
Landelijk co-ordinator Judith Uitermark en Landelijk Jeugd officier, programma directeur straf met zorg Isabeth Mijnarends namen de presentatie voor hun rekening.
De vier finalisten waren gekozen uit 43 inzendingen uit 20 landen. De prijs is ingesteld om innovatieve en efficiënte werkwijzen te ontdekken en te belichten betreffende de rechtspraak, het justitieel proces en de organisatie van de gerechten. De bij de Raad van Europa aangesloten landen (47 Europese en 6 niet-Europese) kunnen zo van elkaars ervaring, kennis en kunde leren.

De doelstellingen van de in 2002 opgerichte CEPEJ zijn niet de minste. Zij wil de lidstaten praktische oplossingen bieden voor de eigen gerechtelijke organisatie, waarbij de behoeften van de gebruikers van die gerechten ten volle meegewogen moeten worden. Zij wil de lidstaten helpen de gerechtelijke standaarden van de Raad van Europa (beter) in het eigen rechtssysteem door te voeren. Zij wil de caseload van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens helpen verlichten door de lidstaten effectieve oplossingen aan te reiken ter voorkoming van schending van het recht op een fair trial within a reasonable time. Lange doorlooptijden zijn een groot probleem.
Tegen de achtergrond van deze doelstellingen is de nominatie van mediation in strafzaken een belangrijke mijlpaal. Het betekent dat de CEPEJ in de Nederlandse bijdrage een innovatie ziet die het waard is om met alle aangesloten landen te delen.
Mediation in strafzaken wordt geprezen als origineel, maar vooral ook als voorziening die potentieel heeft om in de andere lidstaten ingevoerd te worden en de efficiency van het gerechtelijk apparaat positief te beïnvloeden.
Mediation in Strafzaken wordt een schoolvoorbeeld genoemd van toepassing van herstelrecht in een strafrechtelijk kader. Het is de jury in het bijzonder opgevallen dat Mediation in Strafzaken de beginselen neergelegd in Aanbeveling nr R (99) 19 van het Comité van Ministers van de Raad van Europa volgt. In die aanbeveling wordt onder meer gesteld:

“V.4. Outcome of mediation
31. Agreements should be arrived at voluntarily by the parties. They should contain only reasonable and proportionate obligations.
32. The mediator should report to the criminal justice authorities on the steps taken and on the outcome of the mediation. The mediator’s report should not reveal the contents of mediation sessions, nor express any judgment on the parties’ behaviour during mediation.”

Mooi is dat de jury onderstreept dat mediation in strafzaken grotere erkenning aan de plaats van het slachtoffer in het strafrechtelijk proces geeft zonder het slachtoffer daarin te sturen waardoor diens behoefte centraal blijft.
Tegelijkertijd waardeert de jury het evenzeer dat mediation in strafzaken de verdachte de gelegenheid biedt zichzelf/zijn gedrag beter te begrijpen, wat een eerste stap is op weg naar herstel voor het slachtoffer maar ook voor de rehabilitatie van verdachte in de maatschappij.
Aldus neemt de tevredenheid van slachtoffers met het gerechtelijk proces toe, en neemt tegelijkertijd de recidive af.
Hieronder de volledige tekst van de jury bij monde van Bartolomeo Cappellina:
“Among the projects that distinguished themselves for originality, potential for diffusion and impact on the quality and efficiency of judicial institutions there is the project “Mediation in criminal justice; referrals by prosecutors in the prosecutorial phase and referrals by judges in the presentencing phase” proposed by the Netherlands.
The project is noteworthy because it represents a textbook application of restorative justice to the criminal law domain.
The project is particularly remarkable, in the framework of this prize, because it applies the principles of the Council of Europe Recommendation (99)19 concerning mediation in criminal matters.
It is especially innovative because it integrates mediation not only as part of the legal procedure, but as well as a factor to be included both by the prosecutor office and the judge in their considerations over criminal cases.
As jury, we particularly appreciated the contribution that this project provides towards a higher recognition of the place of the victim in criminal procedure. It does so in a framework that is not mandatory, adapting to the needs of the victim which could or not be in demand of processing the victimization events through mediation with the accused.
On the other side, we consider this project as equally valuable and innovative concerning the place of the accused in the process. Incentivizing the involvement of the accused offender in a mediation with the victim can have positive effects, enabling the offender to better understand his/her deviant behavior, which is the stepstone to his/her rehabilitation in society as well as to the restoration of the victim. Both of these results contribute to enhance the efficiency of the judicial systems raising the satisfaction of the victims towards the courts and potentially reducing the rate of reoffenders in the system.”

Met recht lovende woorden van een vooraanstaand internationaal orgaan!
Alle delegatieleden zijn dan ook trots op de toegekende Special Mention Award.
Naar verwachting zal de komende tijd vanuit het buitenland de nodige belangstelling voor Mediation in Strafzaken getoond worden.

Spitsuurcursus vaststellingsovereenkomnst mediation in strafzaken

By No Comments

Sedert 22 maart 2019 is de Restorative Justice Academy van start!
De Restorative Justice Academy is de opleidingenpoot van RJN (Restorative Justice Nederland)
Hier zetten wij onze kennis en expertise in samenwerking met universiteiten, hogescholen en professionals uit de praktijk om in opleidingen, trainingen, cursussen en workshops.
We maken daarbij onderscheid in drie niveaus: basis, verdieping en master.
Deze worden verzorgd door een vaste kern van free lance trainers. Daarbij werken we samen met andere zeer ervaren trainers op het terrein van herstelrecht en herstelgericht werken.

Op dinsdag 30 april 2019 geef ik met collega Rebecca Leeuwenberg een workshop over de vaststellingsovereenkomst in mediation in strafzaken. Hiervoor zijn 4 PE-punten in de categorie 1 a aangevraagd. De workshop is bestemd voor mediators in strafzaken, die het schrijven van een goede vaststellingsovereenkomst of slotovereenkomst in de vingers willen krijgen. Ook mediators die al wat meer ervaring hebben zijn van harte welkom.
Mediation in strafzaken is een vrij jong werkgebied. Er valt nog veel te ontdekken en tegelijkertijd staat er voor de deelnemende partijen veel op het spel. Justitie heeft ook een rol. Het is zaak alle belangen evenwichtig mee te nemen in de overeenkomst die afsluitend in het strafdossier komt. Mijn collega en ik hebben inmiddels meer dan 250 van dergelijke overeenkomsten opgesteld en stellen onze vakkennis middels deze spitsuurcursus ter beschikking. Tijdstip: van 16:00 -20.30 plaats Amsterdam, locatie nader bekend te maken. Minimum aantal deelnemers 6, maximum 10.
Voor info over de workshop: pinkster@akan.nl of info@leeuwenbergmediation.com
Meer info over ons: elders op deze site over mij en Rebecca Leeuwenberg